Het CBS presenteert coronasterfte niet in juist perspectief

Meer opmerkingen over de presentatie van het CBS:

Figuur 1. Publicatie CBS ((bron).

Niet alleen is het verwacht aantal overledenen te laag, de sterfte is ook niet in perspectief geplaatst met de sterfte in voorafgaande jaren. En de weergave betreft een kalenderjaar, niet een volledig griepseizoen (week 40 van het ene jaar t/m week 39 van het volgende jaar).  

Onderstaand plaatje geeft al een andere indruk dan de grafiek van het CBS:

Figuur 2. Wekelijks aantal overledenen per 100.000 personen in drie leeftijdsklassen. De verticale streepjeslijnen markeren volledige griepseizoenen (week 40 t/m week 39: zie bron). De rode grafiek is het voortschrijdend gemiddelde over 13 weken. Data CBS: sterfte, bevolking.

De 0-65 jarigen tonen een kleine piek tussen coronaweken 12-19 maar voor het hele kalenderjaar vinden we met de SMR (zie vorige bericht) een ondersterfte van rond 300 personen. De 65-80 jarigen lijken relatief het hardst getroffen in vergelijking met voorgaande jaren. De oversterfte is rond 3000 personen in 2020. Verreweg de meeste aan Covid-19 toegeschreven doden betreft 80-plussers. De oversterfte in 2020, gecorrigeerd voor de hittegolfpiek in week 33-35, is rond 5300 personen. Maar in vergelijking met de oversterfte in 2015, 2017 en 2018 relativeert dit wel het dramatische beeld dat de media schetsen.

sterfte per kalenderjaar

Een ander punt is de weergave van de sterfte in een kalenderjaar. Een volledig griepseizoen loopt van week 40 van het ene jaar t/m week 39 van het opvolgende jaar (bron). Waarom? Na overmatige sterfte, bv als gevolg van een zware griep, treedt er ook een daling op van de totale sterfte in de daaropvolgende weken, dus ondersterfte (het “oogsteffect”). De ondersterfte suggereert dat de griep vooral diegenen trof wier gezondheid al zo in gevaar was zodat ze “op korte termijn toch zouden zijn gestorven” (bron). Om ook die ondersterfte mee te nemen loopt de periode daarom van week 40 t/m week 39 van het volgende jaar. Covid-19 sterfte gedraagt zich ook als griepsterfte: de meeste slachtoffers vallen in de herfst- en wintermaanden, de minste in de lente- en zomermaanden.

sterfte per griepseizoen

Als de sterfte per griepseizoen wordt weergegeven (waarvan het tweede seizoen pas in week 39 van 2021 eindigt) dan wordt het beeld:

Figuur 3. Het griepseizoen 2019-2020 begint in week 40 en eindigt in week 39. Het nieuwe griepseizoen 2020-2021 is pas 16 weken aan de gang. De oversterfte in seizoen 2019-2020 is rond 1500 personen. In de laatste paar weken (week 7 en 8) is er geen sprake meer van oversterfte.

Over het hele griepseizoen 2019-2020 bekeken is de oversterfte 1500 personen. In griepseizoen 2017-2018 overleden er naar verhouding evenveel personen als in het seizoen 2020-2021 (gecorrigeerd voor de hittegolf in 2020):

Figuur 4. Vergelijking van de sterfte in griepseizoen 2017-2018 met 2019-2020. In 2017-2018 overleden er naar verhouding evenveel personen als in 2019-2020.

Het aantal overledenen in seizoen 2017-2018 is relatief even hoog als in 2019-2020. De Covid-19 gerelateerde piek in 2020 is enkele weken later dan die van de griep in 2018 en in beide jaren zet na de piek een scherpe daling in. Die daling is in 2020 iets steiler en dat hangt waarschijnlijk samen met de late start van de 1e golf en de lente al zijn intrede deed. In warmere en drogere buitenlucht neemt de overdraagbaarheid van het virus af.

Conclusie

  • Het CBS houdt geen rekening met het griepseizoen maar gaat bij de berekening en presentatie uit van een kalenderjaar hetgeen geen compleet beeld oplevert van het betreffende griepseizoen
  • De oversterfte in het griepseizoen 2017-2018 is relatief even hoog als in 2019-2020.
  • In weken 6, 7 en 8 van 2021 is er geen sprake meer van oversterfte

Door Jan Ruis

Dr. Jan is gepensioneerd bioloog